Voordat we er waren hebben we een hele mooie tocht gehad. Hoe ging die? Welnu, we hebben voor een gedeelte gebruik gemaakt van de TWC Klimmen die jaarlijks de tocht Klimmen-Banneux-Klimmen maken. Via Dalhem naar Blegny, waar we bij de mijn een eerste foto maken.

Het is dan nog vrij koud en af en toe hebben we gezelschap van Pluvius. Bolland is daarna het doel. Een van de mooiste Waalse dorpjes. We volgen de route des vergers via Melen naar Soumagne. Op mijn speciaal verzoek maken we een ommetje naar St. Hadelin. Daar had ik iets over gelezen een tijdje terug. Een klein plaatsje waar een heel oud kapelletje staat ter verering van St. Hadelin. Dat is ook de patroonsheilige van Visé. Het is of hij ons verwelkomt bij zijn kapel want op het moment dat we daar aankomen steekt de zon door de wolkendeken die ons van een frisse douche had voorzien. We gaan even binnen kijken, nemen wat foto’s, "stoken de kachel" en gaan weer verder.
Olne en Nessonvaux glijden via onze wielen naar onze achterkant. Dan een van de uitdagingen van de dag. De klim naar Banneux van circa 5 kilometer. Genieten! Een prachtig uitzicht en lekker op reserve naar boven. Het valt erg mee. Wim heeft in de klim zijn eigen ritme gevonden, om niet te zeggen dat hij sneller klimt dan ik. Ik verlies hem uit het oog. Ik neem een verkeerde afslag en kan het heiligdom van Banneux niet vinden. Dan plotseling zie ik hem mij tegemoet komen vanuit Banneux. Kan gebeuren.
We fietsen samen op naar Banneux, stallen de fietsen zodanig dat we ze in het zicht kunnen houden en nemen een kop koffie. Dan gaan we een kijkje nemen bij het heiligdom, steken een kaars op, maken foto’s en kopen de kaarsen.

In de winkel vragen en krijgen we ook onze eerste stempel in ons pelgrimspaspoort. Er moeten er nog vele volgen. We bestijgen de stalen rossen weer en gaan via een afdeling naar de voet van de Col des Forges. Een klassieker in het parcours van Luik-Bastenaken-Luik. Hij is niet zo lang maar wel behoorlijk “forge”. Ook hier weer: eigen tempo en op reserve. Gaat prima. Op de top het monument voor Stan Ockers.

Stoppen en foto maken. Dan breekt de hemel open met hagelstenen. Dat kan er ook nog bij. Onze voorbereiding voor de tocht kan ook dienen voor een expeditie naar de zuidpool.

Het stopt met hagelen en wij dalen af naar Luik. Het is lekker rustig. Ons doel is de St. Jacques kerk. Daar zijn we een tijdje geleden al geweest tijdens onze excursie naar Luik met John en Marij Sliepen (de ouders van Sylvie, de partner van onze zoon Olivier). Helaas is de kerk gesloten. Geen stempel dus met een schelp erop. Die vind ik zo mooi. Dan maar naar de kathedraal van St. Lambert. Deze is wel open. Bij de kassa van de schatkamer krijgen wij een stempel. Dat is dan nummer 2 in het paspoort. De zon is inmiddels goed doorgebroken en het is lekker. We fietsen over de Maas en gaan aan de oostzijde verder. Dan de pont d’Atlas over. Een foto maken van de plaquette. Daar is namelijk Eijsden op genoemd. Verder langs het monument voor Koning Albert (waar het Albertkanaal naar is vernoemd) verder naar het noorden. Visé nog even en dan rijden we via Caestert naar de finish. We zijn dan 92,36 kilometer verder in 4 uur 59 minuten met een gemiddelde van 18,45 kilometer. De topsnelheid was vandaag 48,8 kilometer.
Je hebt alle tijd om na te denken op de fiets. Dat is heerlijk. Ik bedenk dat ik me een gelukkig mens mag noemen om dit te kunnen en mogen doen. Vrijheid! Goed om je spieren en ademhaling te voelen!














